Vanuit het ras gezien zijn er een aantal relevante ziektes en aandoeningen die aandacht verdienen.

Ziekte van Von Willebrand

De ziekte van Von Willebrand (ook wel: Von Willebrands Disease - VWD) is een erfelijke bloedstollingziekte. De aandoening komt voornamelijk tot uiting via bloedingen aan de neus en het mondslijmvlies, langere en/of heftigere loopsheid en er kan bloed gevonden worden in urine en ontlasting. Dit bloeden kan ogen schijnlijk spontaan gebeuren, of zich uiten via nabloedingen
bij geboorte, verwondingen of operaties.
Bloedstolling is een ingewikkeld proces waarbij vele factoren moeten samenwerken om een beschadigde vaatwand te dichten. Eén van die stollingsfactoren is de Von Willebrand Factor (vWf), die in dat proces een lijmfunctie vervult om verschillende andere stollingsfactoren aan elkaar en aan de vaatwand te hechten.

Samen vormen ze een soort net om het gat te dichten en de bloeding te stoppen. Daarnaast fungeert vWf ook als
stabilisator en vervoerder van een ander stollingseiwit (factor VIII).
Bij VWD wordt door het lichaam minder of een slechtere kwaliteit von Willebrands Factor aangemaakt. VWD kent
verschillende typen en subtypen waarbij de mate van ernst kan variëren van nauwelijks merkbaar, tot ernstige
bloedingen met dodelijke afloop:


Type I
verlaagde aanmaak van vWf: de meest milde vorm en komt het vaakst voor. De bloedingstijd is normaal of iets langer dan normaal. Komt o.a. voor bij de Dobermann, Berner Sennenhond, Drentsche Patrijs, Poedel en de Stabijhoun.


Type II
afwijkende structuur van vWf: is vaak ernstiger dan type I. Hierbij kunnen ook bloedingen in gewrichten, spieren en zacht weefsel optreden. Dit type wordt gezien bij Duits Staande honden en dus ook bij onze Draadhaar.
.
Type III
afwezigheid van vWf: kenmerkt zich door spontane en heftige bloedingen in gewrichten en spieren en bij trauma. Deze vorm zien we bij de Schotse Terriër, de Sheltie en het Kooikerhondje.
VWD blijft echter niet beperkt tot de genoemde rassen. Het is bij meer dan 50 hondenrassen vastgesteld en komt ook voor bij katten en mensen.

Meer informatie over VWD

 

Heupdysplasie (HD)

Het begrip dysplasie komt uit het oud Grieks en betekent misvorming. Het is een ontwikkelingsstoornis waarbij in 1e instantie na de geboorte tijdens de groei speling ontstaat tussen de heupkop en de heupkom. De kop ligt niet mooi aangesloten in de kom tijdens het staan en de beweging. Daarbij spelen allerlei factoren een rol. Te noemen zijn: de gewrichtsbanden, de bespiering rond het heupgewricht, de gewrichtsvloeistof en ook de vorm en de stand van kop en kom. Is er veel speling dan ontstaat er een verhoogde slijtage, die men ook wel arthrose noemt. Die arthrose geeft een aantal veranderingen die genoemd worden in het bijgevoegde staatje. In het algemeen kan je zeggen dat het gewricht op den duur stijver wordt, minder bewegingsmogelijkheden heeft, en veel gevoeliger of zelfs pijnlijk wordt.

Wat kun je aan de hond merken?
De te losse heup kan al vanaf 4 maanden leiden tot pijnlijkheid, kreupelheid en afwijkend gangwerk. Een hele slungelige en zwakke gang kunnen deze honden vertonen. Veel blijven liggen en moeilijk opstaan is een veelgehoorde klacht. De achterhand blijft achter in ontwikkeling, in tegenstelling tot de voorhand die juist door de verhoogde belasting sterker ontwikkeld wordt.

De belangrijkste veranderingen bij de oudere hond zijn, voortvloeiend uit de arthrose, terug te voeren op stijfheid, een verhoogde gevoeligheid of pijnlijkheid. Het moeilijker opstaan en niet meer willen springen of traplopen is vaak opvallend. De hond blijft veel meer liggen en is minder actief gedurende de dag. Soms kan dit leiden tot karakterveranderingen: humeuriger tot zelfs afwerend zijn, niet aangeraakt willen worden in de achterhand.
Uiteindelijk kun je verlies van bespiering in de achterhand zien, hetgeen de situatie nog verder verergert.

(bron: Maarten Kappen/ Onze Hond 2000)

Meer informatie over de aard, opsporing, behandeling en gevolgen voor fok en gebruik.

 

Elleboogdysplasie (ED)

Elleboogdysplasie betekent letterlijk "elleboogmisvorming" en wordt meestal aangeduid met de afkorting ED
.
Elleboogdysplasie is een afwijking aan de ellebooggewrichten waarbij de ontwikkeling van de ellebogen bij een jonge, opgroeiende hond niet normaal verloopt en de gewrichten misvormd kunnen worden, variërend van licht afwijkend tot zwaar misvormd, waarbij de hond veel pijn heeft en kreupel kan gaan lopen. ED komt niet alleen voor bij rashonden, maar ook bij kruisingen. ED wordt veroorzaakt door zowel erfelijke als omgevingsfactoren.

 

Symptomen
De meeste honden met elleboogdysplasie vertonen voor het eerst symptomen als ze tussen de 4-9 maanden
oud zijn. Vaak gaat het om kreupelheid van een voorbeen (of beide voorbenen) en/of stijfheid na rust.
De kreupelheid kan erger zijn na beweging. Soms zijn beide ellebogen aangetast, zelfs als de hond kreupel is aan één poot. Pijn bij buigen, strekken van de elleboog of druk op de elleboog. Oudere honden kunnen natuurlijk ook deze symptomen vertonen, maar dan is er meestal al osteoarthrose als gevolg van de elleboogdysplasie.

 

Afwijkingen
ED is een verzamelnaam voor vier aandoeningen aan het ellebooggewricht. De aandoeningen kunnen onafhankelijk van elkaar voorkomen, maar vaak zien we dat er meerdere gelijktijdig optreden, en dat de ene aandoening de andere veroorzaakt.


Bij Los Processus Coronoïdeus (LPC) en Los Processus Anconeus (LPA), breekt een stukje kraakbeen af of raakt dat beschadigd. Het losse stukje zorgt voor irritatie en ontsteking in het gewricht en leidt uiteindelijk tot kraakbeen- en gewrichts-beschadiging.


Bij Osteochondrosis dissecans (OCD) treedt een storing op in de omzetting van kraakbeen naar been. Hierdoor ontstaat een slecht doorbloede, dikke kraakbeenzone in het gewricht. Die zone sterft af en vormt een losse kraakbeenflap in het gewricht.

 

Bij incongruentie sluiten de gewrichtsvlakken niet goed op elkaar aan, wat veelal wordt veroorzaakt door een ongelijke groei tussen het spaakbeen (radius) en de ellepijp (ulna).

 

Als er niet op tijd ingegrepen wordt, leiden al deze beschadigingen onherroepelijk tot artrose : slijtage en botwoekeringen met als gevolg verstijving van het gewricht.

 

Verdere informatie over de aard, opsporing, behandeling en gevolgen voor fok en gebruik.

 

Osteochondrosis Dissecans (OCD)

OCD is een gewrichtsaandoening en is een van de mogelijke onderdelen van het elleboogdysplasiecomplex (ED).

De eerste beschrijvingen in de diergeneeskundige literatuur van OCD dateren al uit de vijftiger jaren, waarbij allerlei verschillende benamingen opduiken, zoals osteïtis, osteochondritis, osteochondrose, en osteochondrosis dissecans. Bij dit laatste wordt vooral aangegeven dat er een los stukje gewrichtskraakbeen aanwezig is in combinatie met een slecht ontwikkeld gewrichtskraakbeen.

 

Tijdens de ontwikkeling van het skelet is er een fase waarin het kraakbeenmodel via een ingewikkeld mechanisme wordt omgevormd tot bot enerzijds, en aan de uiteinden tot een volledig gewricht met een kraakbenige bedekking anderzijds. In geval van OCD gaat op typische plaatsen in het gewricht iets mis in de kraakbeenvorming, waardoor er een soort kratertje ontstaat in het verder normale gewrichtsvlak. De restanten van de kraterinhoud, het stukje kraakbeen, kan soms nog deels blijven zitten, soms ook los in het gewricht aanwezig zijn.

 

Dit leidt altijd tot een opruim- en ontstekingsreactie van het lichaam die gepaard gaat met versnelde slijtage van het gewricht.

 

Bron: Onze Hond 04/2005 / Auteur: Maarten Kappen

Meer informatie over de aard, opsporing, behandeling en gevolgen voor fok en gebruik.